Heemkundekring De Vrijheijt van Rosendale

Onderstaand artikel is een gedeeltelijke letterlijke overname uit het door de Heemkundekring uitgegeven Periodiek nummer 2 dd februari 1981. De auteur was J.A. van Dongen.

Politie "kotjes"

De huisvesting van de Roosendaalse politie door de jaren

Waarschijnlijk vanaf het begin van het Koninkrijk in 1814, hebben de Marechaussees in Roosendaal vertoefd. Hun eeste huisvesting was vermoedelijk in de Molenstraat, doch dit is niet meer te achterhalen. Hun latere huisvesting was in de Vughstraat, in het pand naast de ingang van het Emile van Loonpark, dit met het oog op het station van de spoorwegen, dat in die tijd aan het voormalige Oranjeplein lag. Vóór 1814 werd hier het politietoezicht uitgeoefend door Rijksveldwachters, later werden het gemeenteveldwachters.

Omstreeks 1890 en ver daarvoor, was het politiebureau, evenals andere takken van gemeentelijke administratie, in het Oude Raadhuis, Markt nummer 1 gevestigd. Het politiebureau was ondergebracht in de lokaliteit, welke toen door de Dienst Gemeente Archief werd gebruikt. In de ruimten, welke door de keuken en het openbaar urinoir werd ingenomen, waren twee arrestantenlokalen ingericht, terwijl op de plaats van de stoomketel der verwarming en kolenberging twee lokaaltjes voor "Passanten" waren.

Ook was een veldwachterswoning in gebruik aan de oostzijde van de Kerkstraat, waarachter thans de vishal staat. Hiernaast stond een post met twee cellen. In de gemeenteverslagen wordt regelmatig aangedrongen op verbetering van deze politiepost. In 1886 werd zelfs gesteld dat de toestand van het complex zo slecht was, dat dit niet meer te verbeteren zou zijn. Voor het oprichten van een nieuwe veldwachterswoning met arrestantenlokaal in de Kerkstraat komt in de loop van 1901 op de begroting een som van ƒ 2.500,-- voor.

Omdat de ruimtenood nijpend werd en het politiebureau te ver van het in 1907 gereed gekomen nieuwe station lag, besloot men tot de bouw van een nieuw bureau over te gaan. Op 18 juli 1907 besloot de Raad drie armenhuisjes aan de Brugstraat aan te kopen om aldaar een politiebureau met brandspuithuis en een veldwachterswoning te stichten. Op 4 september van dat jaar werd de bouw voor ƒ 8.180,-- aanbesteed.

In 1912 bouwde men een politiepost op de Veemarkt. De voor de meeste van ons nog wel bekende "Post Veemarkt" die werd afgebroken na vele jaren niet meer te zijn gebruikt.

In 1913 besloot de Raad de huur op te zeggen van het naast genoemde veldwachterswoning in de Kerkstraat gelegen kantoor ter Waarborg der goud- en zilverwerken. Op 4 december van dat jaar besloot de Raad de oude politiewoning af te breken en het genoemde kantoorgebouw tot politiepost en woning in te doen richten. Nog in 1914 werd de bouw ter hand genomen. Het gevoteerde krediet bedroeg ƒ 10.000,--.

U ziet, dat het in die tijd nog niet zo slecht met de huisvesting was gesteld. Een nieuw hoofdbureau en twee nieuwe politieposten. In 1920 was de stad verdeeld in drie politiewijken. Iedere wijk had een post, te weten: wijk A hoofdbureau Brugstraat, wijk B post Kerkstraat en wijk C post Veemarkt. De posten waren dag en nacht bezet.

Op iedere post waren 9 agenten ingedeeld, die om beureten dienst deden. In 1923 kwam de post Kerkstraat te vervallen wegens gebrek aan personeel. De post Veemarkt is tot na de bevrijding in gebruik gebleven.

Het bureau in de Brugstraat voldeed tijdens de bezetting, toen 't korps belangrijk werd uitgebreid, niet meer aan de gestelde eisen. Omstreeks juli 1944 werd het korps ondergebracht in de Marechaussee-kazerne, Kapellerlaan no. 31. Deze was in 1916 voor de Marechaussee gebouwd. In 1934 werden er paardenstallen bijgebouwd. Na de oorlog werden de stallen verbouwd tot garage. Deze kazerne was vrijgekomen doordat de grensbewaking en de bewaking van het station/daarbij bepaalde objecten van de Marechaussee werd ingekrompen. Enige tijd hebben de Marechaussee een onderkomen gehad in enkele woningen in de Buijs Ballotstraat, waarna zij een nieuwe kazerne aan de Rondweg in gebruik namen.

De inkrimping van de Marechaussee had een uitbreiding van het politiekorps tot 80 man tot gevolg. Met deze bezetting was de kazerne al meteen te klein. Door verbouwing van aangrenzende dienstwoningen en door terugbrenging van de personeelssterkte voldeed het bureau enkele jaren vrij goed aan de gestelde eisen. Gelijkelijke uitbreiding van de personeelsstrekte en de doorgevoerde specialisatie had tot gevolg dat het korps spoedig uit "het jasje" groeide. Daar de ruimtenood steeds nijpender werd drong de korpsleiding aan om te komen tot de bouw van een nieuw politiebureau. Er werden verschillende plannen gemaakt. Deze plannen kregen vaste vorm door aankoop van de benodigde grond aan de Nieuwstraat. In 1966 werd een begin gemaakt met de bouw van een nieuw politiebureau aldaar.

Na twee jaar bouwen was het bureau klaar en op 29 november 1968 vond de feestelijke opening plaats, welke werd verricht door de Commissaris van de Koningin. Met ingebruiknemning van het nieuwe centraal gelegen moderne gebouw, dat afgestemd is op een verdere groei van Roosendaal en het korps, kwam een einde aan een bekrompen huisvesting van het korps.

Met dank aan de heer Hilders voor de foto's van de verschillende politieposten, waarvan de heer Jansen bijgaande tekeningen maakte.

J.A. van Dongen

(In de laatste alinea van het artikel wordt melding gemaakt van foto's van de heer Hilders en tekeningen van de heer Jansen. Voor de foto's op deze website hebben wij gebruik mogen maken van het archief van de heer J.A. van Dongen, waarvoor onze hartelijke dank. Hierdoor zijn wij in staat geweest 4 tekeningen te vervangen door foto's. Alleen de afbeelding van de politiepost Kerkstraat is gelijk aan de tekening bij het oorspronkelijke artikel. De Webmasters)